Uitputting door teveel vocht- en zoutverlies

Onderzoeksdoel

De invloed van elektrolyten in langdurige training

Onderzoeksresultaat

Een overmaat aan elektrolyten zijn in theorie geen probleem zolang het paard de mogelijkheid heeft om zo vaak mogelijk te drinken. Paarden die teveel zout binnenkrijgen hebben een grotere kans op maagzweren.

Onderzoeksopzet

Uitputting door teveel vocht en daarbij belangrijke zoutenverlies is een belangrijke factor om rekening mee te houden bij endurance paarden. Maar de invloed van elektrolytensupplementen om betere prestaties neer te zetten zijn nog niet helemaal onderzocht en het is mogelijk dat er bijwerkingen ontstaan.

Getrainde paarden en dan met name paarden die in wedstrijdverband endurance beoefenen,  lopen zowel vocht als elektrolyten verliezen die uiteindelijk kunnen leiden tot serieuze medische problemen of zelfs het ‘Exhausted Horse Syndrome’ als er niet op tot wordt ingegrepen.

Wanneer de omstandigheden ongunstig zijn waarin het paard getraind wordt, kan het paard 10 tot 12 liter zweet per uur verliezen. Hij verliest dan niet alleen lichaamsvocht maar ook belangrijke zouten als natrium en chloride.

De laatste jaren zijn elektrolyten een belangrijk onderdeel geworden in het minimaliseren van vocht- en zoutverlies. Onderzoek heeft aangetoond dat paarden die meer dan twee uur getraind worden in een heet en vochtig klimaat er voordeel bij hebben als de aanvullende elektrolyten worden gegeven met water.

Er is bewijs dat een paard een teveel aan elektrolyten kan binnen krijgen. Met als gevolg dat de waardes in het bloed van natrium en chloride veel te hoog worden. Verder heeft een ander onderzoek uitgewezen dat paarden die teveel zout binnen krijgen meer kans hebben op heftige maagzweren.

Extra informatie

Een eenvoudige recept voor hardwerkende paarden in de zomer is tweemaal daags 25 tot 50 gram een elektrolytenmix te geven. Voor meer informatie:  www.ker.com/news/2010/04/kentucky-equine-research-17th.html.

Bron

Harold Schott II, MS, DVM, PhD, Dipl. ACVIM,  professor aan de Michigan State University’s College of Veterinary Medicine

Comments are closed.